Brieven uit de literatuur | Umberto Eco

Omdat STAN zo’n groot en divers netwerk heeft van gastspelers, verspreid over de hele wereld, leek het ons leuk om die mensen met elkaar in contact te brengen door middel van brieven uit de literatuur. En op die manier ook een beetje al die verschillende auteurs uit verschillende tijden met elkaar in gesprek te laten gaan. 

Scarlet Tummers gaf het startschot met een brief van Anton Tsjechov voor Gillis Biesheuvel.
Gilles koos een brief van Oscar Wilde voor Sofie Sente.
Sofie stuurde een brief van Franz Kafka naar Minke Kruyver.
Minke voegde een brief van Vincent Van Gogh aan zijn broer Theo toe voor Tiago Rodrigues.
Tiago richtte zich met een brief van Georg Büchner tot Kuno Bakker.
Kuno Bakker vroeg aan Tale Dolven om de ketting verder te zetten.
Zij nodigde op haar beurt Federica Porello uit voor een bijdrage. 


Deze brief komt uit het boek ‘De geschiedenis van imaginaire landen en plaatsen’ van Umberto Eco. Een boek over landen en plekken die aanleiding hebben gegeven tot verdichtsels, utopieën en hersenschimmen omdat veel mensen daadwerkelijk geloofden (of nog geloven) dat ze bestonden of ooit ergens hadden bestaan.

Brief aan alle leden van het Amerikaanse Congres

ST. LOUIS, (Missouri-Territorium,)
Noord-Amerika, 10 APRIL, 1818

 

AAN DE HELE WERELD!

Ik verklaar dat de aarde vanbinnen hol en bewoonbaar is; dat ze een zeker aantal massieve, concentrische in elkaar passende bollen bevat, en dat ze aan de twee polen twaalf of zestien graden open is; ik stel mijn leven in dienst van deze waarheid en ben bereid om het binnenste van de aarde te onderzoeken als de wereld bereid is me bij mijn onderneming te helpen.

J. Cleves Symmes, 

Van Ohio, oud-kapitein van de infanterie.

NB - Voor de pers heb ik een traktaat waarin ik de beginselen van het probleem verduidelijk, het bewijs lever van hetgeen ik hierboven heb beweerd, de verklaring verschaf voor verschillende fenomenen, en waarin ik dr. Darwins ‘Gouden Geheim’ onthul. Als voorwaarde stel ik de heerschappij over deze wereld en de nieuwe werelden. (…) Ik vraag om honderd dappere, goed uitgeruste metgezellen die bereid zijn met mij in de herfst met rendieren en sleeën vanuit Siberië te vertrekken, over het ijs van de bevroren zee: ik ben er vast van overtuigd dat we, zodra we één graad noordelijker dan 62 graden noorderbreedte zijn, een warm en rijk land zullen vinden, vol weelderige vegetatie, bevolkt door dieren, en wellicht door mensen. We zullen de lente daarop terugkeren.

J.C.S.

(De brief ging vergezeld van een bewijs van geestelijke gezondheid)

Aeneas daalt af in de onderwereld, Nicolò dell’Abata, fresco, 16de eeuw, Modena, Galleria Estense
Aeneas daalt af in de onderwereld, Nicolò dell’Abata, fresco, 16de eeuw, Modena, Galleria Estense

 


Federica Porello speelde bij STAN mee in the tangible / le tangible. *

Ze was ook te gast bij Toestand / Impromptu XL ter gelegenheid van de 20ste verjaardag van STAN. 

tg stan toestand impromptu xl

* "The tangible" is een stuk over de vruchtbare sikkel die loopt van Syrië tot in Egypte. De wieg van de beschaving, maar ook het toneel van eindeloos oorlogsgeweld. Frank Vercruyssen van tg STAN wou daar een voorstelling rond maken met drie danseressen. Later nodigde hij ook twee acteurs uit het gebied en twee fotografen uit. Maar toch: "We zijn begonnen bij dans, en weer uitgekomen bij dans." - interview met Pieter T'Jonck voor De Morgen, april 2010. 

Waar komt de titel vandaan?

Frank Vercruyssen: "In zijn boek From A to X schrijft John Berger bij een bezoek aan een verwoest huis: "Everything which had been assembled during a lifetime had gone without trace, had lost its name. An amnesia not of the mind but of the tangible". Ik raakte in de jaren 1980 gefascineerd door de geschiedenis van dit gebied. Maar de tastbare sporen ervan – the tangible – zijn op vele plaatsen uitgewist."
Dans lijkt toch geen evidente weg om het over die complexe materie te hebben?
"Het project kende een lange aanloop. Ik wilde in 2008 al werken met Tale Dolven (Noorwegen), Liz Kinoshita (Canada) en Federica Porello (Italië). Ik kende ze via Rosas en PARTS, waar ik lesgeef. Ik heb mooie ervaringen met dansers. Eind 2005 raakte ik wat uitgekeken op teksten. Ik was geboeid door wat er in de danswereld gebeurde. Zo heb ik Nush gemaakt samen met danseressen van Rosas (een onwaarschijnlijk mooie voorstelling rond de gedichten van Paul Eluard, PT). In 2008 liep ik rond met het idee om een stuk over Palestina te maken dat niet de expliciet politieke kant van de zaak belicht, maar eerder het gevoel dat wij hebben bij wat daar gebeurt. Dans leek mij daar een goed medium voor, omdat het nuances en onuitgesproken dingen kan uitdrukken die in een stevig betoog ondergesneeuwd raken."

Maar daarna haalde je er toch twee acteurs bij, Rojina Rahmoon uit Damascus en Eid Aziz uit Nablus. En ook twee fotografen, Yazan Khalili en Ruanne Abou-Rahme, kunstenaars uit Ramallah.

"Dat groeide spontaan. Ik leerde die mensen daar ter plaatse kennen. Ik vond ze zo goed dat ik ze er ook bij wilde. De acteurs schreven en zeggen trouwens het grootste deel van de teksten. Dat is dus in het Arabisch, met ondertiteling in het Nederlands en Frans weliswaar. In de aanloop naar het project las ik veel, en vanaf februari zijn we met zijn allen door die teksten gegaan. De uitdaging bestond erin om alles samen te brengen in één stuk, zonder met grote verklaringen te zwaaien, paternalistisch of oriëntalistisch te doen, en zeker zonder te simplificeren. Dat houdt in dat je een soort abstractie moet bereiken, iets moet betrappen dat je via documentair werk niet aan de oppervlakte kunt brengen. Trouwens, in Vraagzucht had ik dat documentaire pad al bewandeld. Dat hoefde niet weer. Uiteindelijk draaide het erop uit dat we begonnen met dans, en weer uitkwamen bij dans."

Moet ik het mij zo voorstellen dat tekst, beeld en muziek een soort van "leestekens" plaatsen bij de dans, zodat de bewegingen meer worden dan alleen maar bewegingen?

"Die vier facetten van het werk spreken samen over de dingen. Ze zijn zo bedacht dat ze plaats laten voor de andere elementen in het werk. De danseressen en ikzelf waren het er alvast over eens dat het niet de bedoeling kon zijn dat de dans anekdotisch wordt. Dat werkt gewoon niet. Het is via het samenspel met de andere facetten dat de dans zijn werk doet. Zelf zorg ik vooral voor de muziek. Ik ben een soort dj. De score is nooit helemaal gelijk, ook al zijn er vaste onderdelen. Ook in de dans zit een zekere graad van improvisatie."

Dat klinkt als een gezamenlijke improvisatie vanuit vier disciplines.

"Nee, tekst en beelden liggen wel vast. Maar ze laten ook ruimte voor interpretatie. De foto's tonen bijvoorbeeld geen oorlogsgeweld, of suggereren geen verhalen. Ze blijven vrij abstract, net als de dans, ook al herken je gebouwen of objecten. Idem voor de tekst. Die is breekbaarder, poreuzer dan bijvoorbeeld The Monkey Trial. Het dendert niet door van het begin tot het einde, zonder stoppen. Maar toch: het blijft allemaal ook weer niet zo impliciet dat het ongevaarlijk wordt."
 

vorige brief | volgende brief